Opnieuw gevonden in Shaanxi
Op 9 december maakte het Yulin Cultural Heritage Protection Institute, in de provincie Shaanxi, de vondst bekend van een 13 km lange sectie van de Qin-keizerlijke weg. Dit berichtte de South China Morning Post. De volledige route van die oude weg liep bijna 900 km over het noorden van China. Al in 1974 werden fragmenten van de weg voor het eerst opgemerkt, maar de huidige opgraving onthult een aanzienlijk en goed bewaard gebleven deel van deze oude snelweg.
De ontdekte sectie maakte deel uit van een weg die strategisch was voor de verbinding tussen Xianyang, de hoofdstad van het Qin-rijk (nabij modern Xi’an), en Jiuyuan (tegenwoordig bekend als Baotou in Inner Mongolia). De bouw werd gestart tijdens het bewind van Qin Shi Huang, de eerste keizer van China tussen 221 en 210 v.Chr. Volgens de historicus Sima Qian begon de aanleg in 212 v.Chr. en was ze ongeveer vijf jaar later klaar, rond 207 v.Chr.
Hoe ze de weg bouwden
De opgraving bracht verschillende interessante details over de bouwmethodes boven. Het team vond rechte greppels, dicht opeengepakte aarden wallen en verdichte weglagen. Op sommige plekken werden valleien opgevuld om een perfecte rechte lijn te behouden. De breedte van de weg varieert gemiddeld rond 40 m en loopt op sommige punten zelfs tot 60 m. Die afmetingen tonen dat de weg ruim genoeg was voor het equivalent van vier moderne rijstroken.
Onderzoekers gebruikten satellietbeelden en remote-sensing-technologie om 9 onderscheidende segmenten te identificeren, bestaande uit greppels, verharde oppervlakken en massieve wallen. Die technologische aanpak legt niet alleen de omvang bloot, maar ook de precisie waarmee de weg toen werd aangelegd.
Waarom de weg strategisch belangrijk was
Naast het verbinden van steden had de Qin-keizerlijke weg ook een strategische functie. Doordat keizerlijke troepen en voorraden zich snel konden verplaatsen, speelde de weg een belangrijke rol in de verdediging tegen de nomadische Xiongnu. Dichtbij de opgegraven sectie werd ook een oud poststation gevonden. Dat station was in gebruik tijdens zowel de Qin- als de Han-dynastie, wat de logistieke en commerciële functie van de weg bevestigt.
In historisch perspectief geldt de Qin-keizerlijke weg als het op één na belangrijkste verdedigingsproject van het oude China, na de Grote Muur. Waar de muur een statische verdedigingslinie vormde, gaf de weg bewegingsvrijheid en controle over uitgestrekte gebieden. Dat laat zien dat grootschalige infrastructuur en connectiviteit geen modern fenomeen zijn, maar al diep geworteld waren in de Chinese geschiedenis.
Deze vondst van de Qin-keizerlijke weg biedt een nieuw perspectief op de technische en strategische vaardigheden van het oude China. De herontdekking herinnert eraan hoe nauw grootschalige verbindingen verweven waren met de ambitie en reikwijdte van een gecentraliseerde staat, en dat die ambities al duizenden jaren geleden bestonden.